Op 22 augustus 2025 deed de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak in vijf beroepszaken die Stichting Animalia had aangespannen tegen de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN). Het ging om beroepen wegens het niet tijdig beslissen op Woo-verzoeken (Wet open overheid).
De zaken droegen de nummers LEE 25/1173, LEE 25/1174, LEE 25/1175, LEE 25/1312 en LEE 25/1707.

Uitkomst van de zaken
- In drie zaken (LEE 25/1173, 25/1174 en 25/1707) verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk, omdat de LVVN de gevraagde stukken inmiddels al had aangeleverd.
- In de twee overige zaken (LEE 25/1175 en 25/1312) verklaarde de rechtbank het beroep gegrond.
In die twee zaken oordeelde de rechtbank:
- dat de minister te laat heeft beslist;
- dat de minister binnen twee weken alsnog een besluit moet nemen;
- dat een dwangsom verschuldigd is bij verdere vertraging;
- en dat het door Animalia betaalde griffierecht moet worden vergoed.
Geen misbruik van recht
De minister voerde aan dat Stichting Animalia zich schuldig zou maken aan misbruik van recht, omdat in korte tijd meerdere Woo-verzoeken, ingebrekestellingen en beroepen waren ingediend.
De rechtbank wees dit standpunt van de hand. Daarbij werd verwezen naar vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (o.a. ECLI:NL:RVS:2014:4129 en ECLI:NL:RVS:2022:2403) en de artikelen 3:13 en 3:15 BW.
- Alleen als rechten evident worden gebruikt zonder redelijk doel of met kwade trouw is er sprake van misbruik.
- Het feit dat er meerdere verzoeken tegelijk lopen, is niet voldoende om van misbruik te spreken.
- De Woo-verzoeken van Animalia waren voldoende gespecificeerd en gericht op concrete informatie.
Daarmee bevestigt de rechtbank dat het beroep ontvankelijk en gegrond is en dat van misbruik van recht geen sprake is.
Belangrijke bevestiging
Deze uitspraken zijn belangrijk omdat ze een helder signaal afgeven:
- Het enkele feit dat een organisatie meerdere Woo-verzoeken indient, rechtvaardigt niet het verwijt van misbruik van recht.
- De overheid heeft een wettelijke plicht om tijdig te beslissen. Wordt die plicht geschonden, dan mag de verzoeker naar de rechter stappen.
Conclusie
Van de vijf zaken die op 22 augustus 2025 zijn beslist, zijn er drie niet-ontvankelijk verklaard omdat de stukken inmiddels waren verstrekt. In de twee andere zaken kreeg Stichting Animalia volledig gelijk: het beroep werd gegrond verklaard, de LVVN moet alsnog binnen twee weken beslissen en er geldt een dwangsomregeling.
Voor iedereen die gebruik maakt van de Woo geldt hiermee een belangrijke bevestiging: het afdwingen van tijdige besluitvorming is géén misbruik van recht, maar een fundamenteel recht.
Mogelijk hoger beroep
Tegen de uitspraken staat binnen zes weken hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dat betekent dat de LVVN de mogelijkheid heeft om de uitspraak aan te vechten. Tot die tijd geldt echter dat de minister aan de uitspraak moet voldoen: er moet binnen twee weken alsnog een besluit worden genomen, met een dwangsom bij vertraging.
Lees ook: https://stichtinganimalia.nl/rvo-schort-woo-verzoeken-stichting-animalia-op/